Werkloos
- Wat is een WW-uitkering?
Een WW-uitkering is een tijdelijk vangnet bij verlies van inkomen waarbij je niet verwijtbaar werkloos bent. Redenen voor een WW-uitkering zijn bijvoorbeeld ontslag wegens reorganisatie of een contract voor bepaalde tijd dat niet wordt verlengd. WW staat hier voor Werkloosheidswet. Of je in aanmerking komt voor een WW-uitkering hangt af van een aantal factoren. Deze factoren worden bij de volgende vraag benoemd.
Pensioen
- Is mijn werkgever verplicht een pensioenregeling voor mij te treffen?
Nee. Volgens de wet is jouw werkgever niet verplicht om een pensioenregeling te treffen voor jou en je collega’s, tenzij hier collectieve afspraken over zijn gemaakt. Je werkgever is namelijk verplicht om jou een pensioenregeling aan te bieden wanneer dit is opgenomen in je collectieve arbeidsovereenkomst (cao), of wanneer je werkgever binnen een sector met een collectief bedrijfstakpensioenfonds valt. Let er in het geval van een collectieve arbeidsovereenkomst wel op dat deze verbindend is verklaard door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Jouw cao & branche
- Wat is een cao?
Eigenlijk is het heel simpel: cao staat voor collectieve arbeidsovereenkomst en omvat een schriftelijke overeenkomst tussen werknemersorganisaties, werkgeversorganisaties en werkgevers. Hierin staan afspraken over arbeidsvoorwaarden. Een cao geldt ter aanvulling op je individuele arbeidsovereenkomst en bepaalt dus voor het grootste deel je arbeidsvoorwaarden.
Arbeidsongeschiktheid en ziekte
- Krijg ik mijn loon doorbetaald als ik wegens ziekte niet kan werken?
Doorbetaling van loon tijdens ziekte is wettelijk verplicht gedurende 104 weken (2 jaar). Als jij langdurig ziek bent, moet je werkgever jou 104 weken lang doorbetalen. Je werkgever moet dan minimaal 70% van je loon betalen. In je cao, arbeidsovereenkomst of intern bedrijfsreglement zijn mogelijk aanvullende afspraken opgenomen.
Voor de AOW betekent het voornemen om de AOW-leeftijd verder te verhogen dat je mogelijk later recht krijgt op je AOW-uitkering dan eerder was afgesproken in het Pensioenakkoord. In het regeerakkoord wordt de AOW leeftijd 1 op 1 gekoppeld aan de stijging van de levensverwachting in tegenstelling tot de 8 maanden per levensjaar als onderdeel van het pensioenakkoord.

Afbeelding: AOW plannen Kabinet (beeld: NOS.nl)
Dat kan betekenen:
- Langer doorwerken, voor de jongste generatie zelfs tot na hun 71e levensjaar.
- Of een periode overbruggen met eigen middelen of pensioen.
In de plannen wordt de WIA op meerdere punten versoberd. De grootste wijzigingen zitten in (1) het uitkeringsplafond en (2) het afschaffen van de IVA (voor nieuwe instroom).
- Lager uitkeringsplafond (maximumdagloon)
Het kabinet wil het maximumdagloon – de bovengrens waarover WW- en WIA-uitkeringen worden berekend – met 20% verlagen. In bedragen die nu rondgaan komt dat neer op een daling van ongeveer € 6.617 naar € 5.293,60 bruto per maand (op basis van het huidige maandmaximum).
Dat raakt vooral mensen met een midden- tot hoger inkomen: hun uitkering wordt sneller “afgetopt”, waardoor de inkomensval bij werkloosheid of arbeidsongeschiktheid groter wordt. - Afschaffing IVA
Nu krijgen volledig en duurzaam arbeidsongeschikten in de IVA een uitkering van 75% van het (gemaximeerde) dagloon. In de plannen wordt het IVA-onderscheid voor nieuwe instroom geschrapt, waardoor deze groep uitkomt op het niveau dat nu bij WGA gebruikelijk is: 70% in plaats van 75%. Ook gaan voor deze groep re-integratie verplichtingen gelden en risico op herbeoordelingen.
Belangrijk: volgens de budgettaire bijlage bij het regeerakkoord behouden huidige IVA-gerechtigden hun IVA-recht op het moment van invoering. - WGA: kortere ‘loongerelateerde’ fase
Voor mensen in de WGA wordt de loongerelateerde fase korter doordat die gekoppeld is aan de WW-duur en deze door het kabinet wordt verkort tot één jaar Daardoor kom je sneller in een vervolgfase terecht, met als risico de lage vervolguitkering die vaak ver onder het sociaal minimum ligt. In sommige gevallen bestaat er recht op een toeslag van het UWV tot het sociaal minimum.
Voor mensen met een aanvullend verzekerde excedentregeling hangt het af van de polisvoorwaarden of (en hoe lang) dit verschil wordt gecompenseerd.
Het kabinet wil de maximale duur van de WW verkorten naar één jaar. Dat betekent dat je bij ontslag korter recht hebt op een loongerelateerde uitkering.
Daarnaast wordt voorgesteld het maximumdagloon met 20% te verlagen. Dat maximum bepaalt de bovengrens van de WW-uitkering.
Ook stelt het kabinet voor om de opbouw flink te beperken. Nu bouw je per gewerkt jaar in de eerste 10 jaar 1 maand WW op. Dat wordt als het aan dit kabinet ligt gehalveerd tot een halve maand per gewerkt jaar. Dit betekent dat je na tien arbeidsjaren, slechts vijf maanden kunt terugvallen op een WW-uitkering i.p.v. 10 maanden en anders moet terugvallen op de bijstand.
Daarnaast wordt de referte-eis aangepast waardoor je langer moet hebben gewerkt om überhaupt in aanmerking te komen voor de kortdurende WW-uitkering van 3 maanden. Beide hebben grote gevolgen voor vooral jongeren.
De uitkering in de eerste twee maanden van de WW zou verhoogd moeten worden van 75% naar 80%.
Voorbeeldberekening (indicatief):
- Huidig maximumdagloon ≈ € 6.600 bruto per maand
- WW-uitkering eerste twee maanden: 80% in de eerste twee maanden → circa € 5280 bruto per maand
- WW-uitkering na 2 maanden (70%) → € 4620 bruto per maand
Als het maximumdagloon 20% lager wordt:
- Nieuw maximum ≈ € 5.280 bruto per maand
- WW-uitkering eerste twee maanden (80%) → circa € 3.960 bruto per maand
- WW uitkering na twee maanden (70%): € 3696 bruto per maand
Dat is een verschil van bijna € 1.000 bruto per maand bij maximale uitkering.
Voor midden- en hogere inkomens kan dit dus een aanzienlijke inkomensval betekenen.
