Ben je gedetacheerd of als uitzendkracht aan het werk bij een opdrachtgever? Dan heb je in de praktijk te maken met twee werkgevers: je detacheerder en de organisatie waar je dagelijks rondloopt. Maar wie moet nu zorgen voor een veilige en gezonde werkplek? En bij wie meld je het als er iets misgaat met veiligheid, werkdruk of grensoverschrijdend gedrag?
In deze blog zetten we de regels uit de Arbowet en het Burgerlijk Wetboek overzichtelijk op een rij en laten we zien wat De Unie voor jou kan doen als je tussen wal en schip dreigt te vallen.
Gedetacheerd: wie is nu eigenlijk je werkgever?
Bij detachering (of uitzenden) maken we vaak onderscheid tussen:
- Formele werkgever – jouw detacheerder of uitzendbureau. Zij betalen je salaris, regelen je contract en zijn juridisch jouw werkgever.
- Materiële werkgever / inlener – de organisatie waar jij feitelijk werkt, de opdrachtgever. Daar voer je je werkzaamheden uit, gebruik je hun middelen en volg je instructies.
De arbeidsomstandighedenwetgeving gaat ervan uit dat een werkgever verantwoordelijk is voor een veilige en gezonde werkomgeving voor zijn werknemers – inclusief ingeleende krachten die onder zijn leiding en toezicht werken.
Daarnaast bepaalt artikel 7:658 lid 4 van het Burgerlijk Wetboek dat ook de inlener (opdrachtgever) een zorgplicht heeft voor uitzendkrachten en gedetacheerden. Loop je schade op door een onveilige werkplek, dan kun je in veel gevallen zowel je formele werkgever als de inlener aansprakelijk stellen.
Kort gezegd: de verantwoordelijkheid voor jouw veiligheid en gezondheid wordt gedeeld.
Arbowet en zorgplicht: wie moet wat doen?
1. De detacheerder (formele werkgever)
Jouw detacheerder blijft werkgever in de zin van de Arbowet en moet:
- een RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie) hebben en nagaan welke risico’s jij loopt bij de opdrachtgever;
- jou voorlichten over de risico’s van het werk en passende instructies laten geven;
- toezien op een veilige inzet bij opdrachtgevers en ingrijpen als er structurele problemen zijn;
- bij (ernstige) ongevallen betrokken zijn bij de afhandeling en maatregelen.
Er ligt bovendien een wetsvoorstel ‘Wet invoering meldplicht arbeidsongevallen en vergewisplichten uitleners’. Dat versterkt de plicht van uitleners (zoals detacheerders) om zich vóór de start van de opdracht te vergewissen dat jij veilig kunt werken en om arbeidsongevallen actief te melden en te volgen. De beoogde inwerkingtreding is uiterlijk 1 januari 2026.
2. De opdrachtgever / inlener (materiële werkgever)
De organisatie waar jij werkt, moet zorgen voor een veilige inrichting van de werkplek en een goed arbobeleid. Dat betekent onder andere:
- veilige machines, middelen en persoonlijke beschermingsmiddelen;
- duidelijke werkinstructies en toezicht;
- beleid tegen te hoge werkdruk en andere psychosociale belasting;
- een sociaal veilige werkomgeving zonder pesten, discriminatie of (seksuele) intimidatie.
In de praktijk is dit vaak de partij die jouw dagelijkse werk organiseert – en dus ook degene die veel kan doen aan onveilige situaties.
3. Jij als werknemer
Ook jij hebt verplichtingen. Op grond van artikel 11 Arbowet moet je:
- naar vermogen zorgen voor je eigen veiligheid én die van collega’s;
- veiligheidsinstructies opvolgen;
- direct melden als je gevaren of onveilige situaties ziet.
Dat betekent niet dat je risico’s moet accepteren, maar wel dat je ze actief aan de orde moet stellen.
Praktische voorbeelden: wat als het misgaat?
Onveilige werkplek
Denk aan:
- werken op hoogte zonder valbeveiliging;
- kapotte of niet-afgeschermde machines;
- ontbreken van vereiste persoonlijke beschermingsmiddelen;
- geen of gebrekkige veiligheidsinstructies.
Wat kun je doen?
- Stop of beperk het werk als het écht onveilig is – je hoeft geen onverantwoorde risico’s te nemen.
- Meld het direct bij de leidinggevende van de opdrachtgever en beschrijf concreet wat er mis is.
- Leg je melding bij voorkeur schriftelijk vast (mail of app), zodat je bewijs hebt.
- Komt er geen verbetering? Neem contact op met je eigen leidinggevende bij de detacheerder en vraag dat zij ingrijpen.
- Betrek zonodig de OR of preventiemedewerker van de opdrachtgever.
- Bij ernstige of herhaalde ongevallen kan de Nederlandse Arbeidsinspectie worden ingeschakeld.
Te hoge werkdruk
Structureel overwerken, geen tijd voor pauzes, onrealistische deadlines – ook dat is een Arbo-onderwerp. Werkdruk valt onder psychosociale arbeidsbelasting, die in de RI&E moet worden meegenomen.
Stappen:
- Bespreek het eerst met je leidinggevende bij de opdrachtgever.
- Kom je er niet uit, neem dan contact op met je detacheerder en vraag om ondersteuning of herinrichting van je opdracht.
- De OR kan druk zetten op beter werkdrukbeleid.
Grensoverschrijdend gedrag
Voorbeelden:
- pesten, buitensluiten of schreeuwen;
- discriminerende opmerkingen;
- (seksuele) intimidatie of ongewenste aanrakingen;
- agressie door collega’s of klanten.
Werkgevers moeten beleid hebben om dit te voorkomen, en vaak is er een vertrouwenspersoon.
Wat te doen:
- Noteer feiten: wat gebeurde er, wie waren erbij, wanneer en waar.
- Meld het bij de leidinggevende of HR van de opdrachtgever.
- Zoek zo snel mogelijk contact met een vertrouwenspersoon (van opdrachtgever of detacheerder).
- Neem óók contact op met je detacheerder; zij moeten meedenken over jouw veilige inzet.
Meldroutes: bij wie klop je aan?
In de praktijk kun je deze volgorde aanhouden:
- Leidinggevende bij de opdrachtgever
Eerste aanspreekpunt op de werkvloer. Vaak is het probleem hier al op te lossen. - Leidinggevende of HR bij de detacheerder
Dit is jouw formele werkgever. Zij moeten ingrijpen als de opdrachtgever zijn zorgplicht niet nakomt. - OR of personeelsvertegenwoordiging
Bij structurele problemen rond veiligheid, werkdruk of cultuur kan de OR van de opdrachtgever veel betekenen. - Vertrouwenspersoon / bedrijfsmaatschappelijk werk
Zeker bij grensoverschrijdend gedrag of spanningsklachten. - Bedrijfsarts of Arbodienst
Als je gezondheid of inzetbaarheid in het geding komt – bijvoorbeeld bij burn-outklachten. - Nederlandse Arbeidsinspectie
Bij ernstig of acuut gevaar, of bij zware arbeidsongevallen. - De Unie
Loop je vast, of wijzen opdrachtgever en detacheerder vooral naar elkaar? Neem dan contact met ons op. Wij helpen je uitzoeken wie waarvoor verantwoordelijk is, denken mee over vervolgstappen en – waar nodig – ondersteunen we je bij formele klachten, bezwaar of aansprakelijkstelling na een ongeval.
Hoe De Unie helpt als jij tussen wal en schip dreigt te vallen
Bij detachering zien we regelmatig dat werknemer, opdrachtgever en detacheerder langs elkaar heen praten. Jij wordt dan heen en weer gestuurd: “Dat moet je met je werkgever regelen” versus “Daar gaat de opdrachtgever over.” Precies daar komt De Unie in beeld.
Onze juristen en belangenbehartigers kunnen:
- je situatie juridisch duiden aan de hand van Arbowet en artikel 7:658 BW;
- brieven of e-mails opstellen waarin we de juiste partij(en) formeel aanspreken op hun zorgplicht;
- meedenken over oplossingen: aanpassing van je werk, andere opdracht, thuisblijven bij onveilig werk;
- je bijstaan als er sprake is van een arbeidsongeval en schade;
- aansluiten bij gesprekken met werkgever of opdrachtgever, zodat je er niet alleen voor staat.
Meer weten of twijfel je of jouw situatie veilig en gezond genoeg is?
Neem contact op met het Service Center van De Unie. We zijn elke werkdag van 8.30 tot 17.00 uur bereikbaar via sc@unie.nl en 0345 851 963.

