In december 2024 hebben de leden van De Unie ingestemd met het transitieplan voor de overgang naar een nieuwe pensioenregeling. Dit was noodzakelijk als gevolg van de invoering van de Wtp (Wet toekomst pensioenen). Inmiddels is er bijna een jaar verstreken. In dit ledenbericht geef ik informatie over de gesprekken die in 2025 zijn gevoerd. Je leest:
- wat de afgelopen maanden besproken is over jouw pensioenregeling
- de voortgang in het Wtp traject
- wat je binnenkort van De Unie kunt verwachten
- Verkiezingen Verantwoordingsorgaan ICP
Verkiezingen verantwoordingsorgaan ICP
Het verantwoordingsorgaan van ICP heeft een vacature. Er worden verkiezingen gehouden omdat verschillende medewerkers belangstelling hebben om deze rol te vervullen ten behoeve van hun collega.
Twee leden van De Unie hebben zich kandidaat gesteld:
Alexander Bakker
Zornitza Nihtianova
Het verantwoordingsakkoord is een belangrijk orgaan. Een lid van De Unie kan helpen om de samenwerking met dit orgaan van het pensioenfonds verder te verbeteren. Onze leden kunnen stemmen tot en met zondag 24 november 2025.
Verkiezingen verantwoordingsorgaan PFI
Pensioenfonds ING organiseert in het voorjaar van 2026 verkiezingen voor het Verantwoordingsorgaan. Deelnemers kunnen zich nog tot eind dit jaar kandidaatstellen via www.pensioenfondsing.nl/vo.
Transitieplan is aangeboden
Het transitieplan is door de sociale partners (De Unie, ING en andere vakorganisaties) aangeboden aan de pensioenfondsen, ING-CDC-pensioenfonds (ICP) en Pensioenfonds ING (PFI). De beide pensioenfondsen beoordelen het transitieplan op evenwichtigheid en beoordelen of ze de regeling kunnen uitvoeren.
Als deze stap genomen is, kan een pensioenfonds voort. Zij schrijven dan een implementatieplan dat moet worden voorgelegd aan de externe toezichthouder, DNB.
Wijzigingen in het transitieplan
Sociale partners bereiden enkele wijzigingen in het transitieplan voor. Dit doen we in nauw overleg met de pensioenfondsen. Het gaat in eerste instantie om wijzigingen die noodzakelijk zijn.
- Wijziging in verband met correctie rekenmodel
- Wijzigingen als gevolg van aanwijzing DNB
- Wijzigingen als gevolg van uitvoerbaarheid
Ad 1 Correctie rekenmodel
In het rekenmodel dat sociale partners hebben gebruikt om het transitieplan op te stellen, zaten enkele fouten. Het is erg technisch, maar voor de volledigheid wil ik het meegeven:
- De ondergrens aan premiedekkingsgraad was ten onrecht niet meegenomen.
- De kortingsregel om alle MVEV-kortingen kleiner dan 5% niet te spreiden, maar ineens door te voeren was ten onrechte ook doorgevoerd op VEV-kortingen.
- Het rendement op risicodelingsreserve is aangepast.
- Er zat een fout in de volgorde van het toekennen van inhaalindexatie.
Deze fouten zijn gecorrigeerd. Dit leidt wel tot aanpassingen in de uitkomsten, waardoor sociale partners het transitieplan hebben moeten aanpassen. De belangrijkste wijzigingen zie je in artikel 6.5. Toetsing compensatie op basis van de pensioenverwachting en de netto-profijt. In deze paragraaf zijn de grafieken aangepast en we hebben ook enkele ondergrenzen moeten aanpassen. Ook in artikel 8, waarin de pensioenverwachtingen en de netto-profijt is weergegeven, zie je aanpassingen in de grafieken.
De verschillen in uitkomsten zijn niet groot, maar wel aanwezig.
Het is natuurlijk vervelend dat deze modelfout is gemaakt, maar sociale partners kunnen niet veel anders doen dan het transitieplan aanpassen.
Ad 2 Wijzigingen als gevolg van aanwijzingen DNB
a. Aanvullen solidariteitsreserve
In het transitieplan hebben sociale partners de suggestie aan het bestuur van PFI meegegeven om vanuit de solidariteitsreserve de uitkeringen binnen het uitkeringscollectief (gepensioneerden) op peil te houden en in lijn daarmee de solidariteitsreserve ook alleen vanuit het uitkeringscollectief aan te vullen wanneer dit nodig mocht zijn. DNB bleek echter van mening te zijn dat alle generaties gezamenlijk de solidariteitsreserve dienen aan te vullen, niet uitsluitend het uitkeringscollectief.
Het bestuur heeft hierop ervoor gekozen om het aanvullen van de solidariteitsreserve te belasten bij zowel het uitkeringscollectief en de overige deelnemers. Het bestuur van PFI kan dit besluit nemen. Dit is binnen de bestuurlijke ruimte van het fonds. Sociale partners hebben het bestuur gevraagd om dit te compenseren via de gerichte vermogenstoedeling waarvoor het bestuur ook bestuurlijke ruimte heeft. Het bestuur is voornemens deze compensatie te verlenen.
Omdat voor de nieuwe pensioenregeling gekozen is voor een systeem met risicodelingsreserve, speelt deze problematiek niet bij ING CDC pensioenfonds.
b. Toevoegen bovengrenzen
In artikel 3.3. Kwantitatieve beoordelingscriteria zijn ondergrenzen aangegeven. Op het moment van invaren (2027) is de economische situatie anders dan op het moment dat het transitieplan is geschreven. Bovendien actualiseert DNB de scenario’s waarmee het pensioenfonds moet rekenen. Als de pensioenverwachtingen, netto-profijt of kortingskansen dan lager uitkomen dan de ondergrenzen gaan pensioenfondsen en sociale partners met elkaar in gesprek. Inmiddels weten we dat DNB vereist dat ook bovengrenzen zijn vastgesteld. Deze zullen nog worden toegevoegd.
Ad 3 aanpassingen in verband met uitvoerbaarheid bij de pensioenuitvoerder
In de pensioenregeling van PFI zijn vier wijzigingen doorgevoerd, omdat deze regelingen in het nieuwe Wtp-model niet meer of alleen tegen te hoge kosten uitgevoerd konden worden door de pensioenuitvoerder. Het betreft beperkte wijzigingen die onvermijdelijk zijn.
- Ongehuwdenouderdomspensioen (OOP)
Dit kan in de nieuwe regeling niet meer geadministreerd worden.
De waarde wordt omgezet en toegevoegd aan het ouderdomspensioen - Overlijdensuitkering
De overlijdensuitkering wordt gemaximeerd op twee maanden.
Voor medewerkers voor wie nu een hogere uitkering is verzekerd, geldt dat het meerdere wordt afgekocht en toegevoegd aan het partnerpensioen. - Tijdelijk partnerpensioen
Deze regeling komt te vervallen. De lopende uitkeringen worden voortgezet tot de einddatum. Het voor het tijdelijk partnerpensioen gereserveerde vermogen wordt toegevoegd aan het regulier voor partnerpensioen gereserveerde vermogen. - Arbeidsongeschikten
(Oud-)medewerkers die (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt zijn geworden voor de sluiting van PFI, bouwen nog een premievrij pensioen op. Het streven is om de toekomstige pensioenopbouw van deze deelnemers onder te brengen bij een verzekeraar. We zoeken zorgvuldig naar een goede oplossing. Deze deelnemers zullen hierover geïnformeerd worden. - Daarnaast zijn er kleine aanpassingen die wettelijk noodzakelijk zijn.
Hoe verder
De Unie informeert je in dit bericht over noodzakelijke wijzigingen in de pensioenregelingen en de wijzigingen in het transitieplan als gevolg daarvan. Dit zijn wijzigingen die onvermijdelijk zijn.
Gesprekken zijn nog niet afgerond
De gesprekken met de beide pensioenfondsen zijn nog niet afgerond. We spreken ook nog over aanpassingen die niet onvermijdelijk zijn, maar die één van de pensioenfondsen noodzakelijk vind.
Met PFI spreken we over de aanpassing van de spreidingstermijn.
Met ICP spreken we over de aanpassing van de risico-delingsreserve en over de compensatie voor afschaffing van de doorsneesystematiek.
Partijen streven ernaar de gesprekken voor het eind van dit jaar af te ronden.
Over deze onderwerpen ontvang je nog bericht van De Unie.
Vragen
Heb je vragen over dit ledenbericht? Neem dan svp contact op met onze belangenbehartiger Inge de Vries. Dit kan door een e-mail te sturen naar inge.de.vries@unie.nl.
