Inmiddels hebben we een tweede keer met Achmea overlegd over een nieuw sociaal plan. Uitgangspunt is nog steeds om het oude sociaal plan in de basis ongewijzigd te verlengen. Er zijn nog wel twee discussiepunten. In deze nieuwsbrief daarover een korte update.
WORD LID
Pensioencompensatie
In het vorige bericht hebben we al uitgelegd dat door de invoering van de nieuwe pensioenwet (WTP) de pensioenregeling bij Achmea zal veranderen. Beoogde invoeringsdatum van de nieuwe regeling is nu 1 juli 2027. Op deze datum zouden alle actieve deelnemers een eenmalige compensatie krijgen voor het nadeel dat is verbonden aan de invoering van een ‘vlakke premie’. In de huidige regeling wordt er naarmate je ouder wordt meer ingelegd. Als je als medewerker voor de invoeringsdatum Achmea verlaat, dan loop je deze compensatie mis. Dat zou een flink nadeel betekenen.
Achmea en de vakbonden zijn hierover met elkaar in gesprek, maar hebben daar nog geen overeenstemming over. Het gaat dan over de hoogte van de compensatie (wij willen een volledige compensatie en Achmea biedt vooralsnog een gedeeltelijke compensatie) en de voorwaarden die Achmea daaraan stelt (wel of geen rekening houden met eventuele compensatie elders).
Voor De Unie is dit een belangrijk onderwerp. Als medewerkers in dienst zijn van Achmea dan vindt de compensatie plaats vanuit het vermogen van het fonds. Voor de medewerkers die vanwege een reorganisatie Achmea verlaten kan dit niet. Dit betekent extra kosten voor Achmea. Echter, de medewerkers kiezen er niet voor om door middel van een reorganisatie hun baan te verliezen en verdienen het dus om gecompenseerd te worden. Daarnaast heeft Achmea de laatste jaren de pensioenlasten flink minder zien worden. Dat biedt wat ons betreft voldoende ruimte om dan ook nu volledig te compenseren.
Boventalligheid bij verplaatsen van werk
Ook hebben we uitgebreid gesproken over de reistijdcriteria voor boventalligheid bij het verplaatsen van werk. In het huidige sociaal plan wordt alleen gekeken naar het reizen per openbaar vervoer, terwijl het UWV in principe uitgaat van de realistisch snelste reistijd met gangbaar vervoer.
Dit blijft een lastig onderwerp, omdat er zoveel varianten te bedenken zijn (en in de praktijk waarschijnlijk ook voorkomen). De keuze van vervoer in combinatie met de gebruikelijke manier van reizen is daarbij uiteraard ook van belang. En dat maakt het best lastig omdat de afstand naar – en bereikbaarheid van locaties nogal kunnen verschillen.
De bedoeling is dat er een reëel vergelijk kan worden gemaakt tussen de oude – en nieuwe reissituatie. Daarbij moeten we enigszins aansluiten bij de grenzen die het UWV hanteert en ervoor zorgen dat de reistijdbelasting (al dan niet in combinatie met de mogelijkheid tot thuiswerken) voor medewerkers ook acceptabel blijft. Ook als je kijkt naar de combinatie van werk en privé. Het gesprek daarover is nog niet afgerond.
Het vervolg
Op maandag 20 april aanstaande wordt het overleg hervat. We hopen dat er dan ‘witte rook’ is, zodat we de leden verder kunnen informeren en het resultaat ter stemming kunnen voorleggen.
Contact
Heb je vragen of wil je wat met de belangenbehartiger Huug Brinkers bespreken? Neem dan contact met hem op via huug.brinkers@unie.nl of bel naar 06-5252 2077. Voor individueel advies kan je contact opnemen met de afdeling Service Center via 0345-851 963, via email sc@unie.nl of de chatfunctie op www.unie.nl.

