Zorgverzekeraars

Als intermediair tussen zorgvragers (verzekerden) en zorgaanbieders vervullen de zorgverzekeraars een centrale rol de Nederlandse gezondheidszorg. De groei van ziekenfonds naar zorgverzekeraar, de fusies tot acht zorgverzekeraars, de invoering van de basisverzekering en de vergaande automatisering vragen veel aanpassingsvermogen van de circa 15.000 werknemers bij de zorgverzekeraars.

Deze snelle ontwikkelingen hebben gevolgen voor de kwantitatieve werkgelegenheid. Er zijn minder mensen nodig om het werk te doen. Het heeft ook gevolgen voor de kwalitatieve werkgelegenheid. Administratieve werk verdwijnt voor een belangrijk deel, wat resteert is hoogwaardig werk. De Unie spant zich in om de werknemers in staat te stellen de ontwikkelingen in de sector bij te houden.

Onderzoek


Onder de noemer ‘Arbeidsmarktbeleid zorgverzekeraars’ wordt in 2010 op initiatief van De Unie door werkgevers en vakbonden gezamenlijk onderzoek gedaan naar thema’s als: levensfasebewust personeelsbeleid, diversiteitsbeleid, het nieuwe werken en duurzame arbeidsverhoudingen.

Pensioenfonds SBZ


De Unie wordt door professionals en door leden vertegenwoordigd in het bestuur, en de deelnemersraad van het SBZ, het pensioenfonds voor de Zorgverzekeraars.

We worden door professionals vertegenwoordigd in het sectorfonds. Het sectorfonds houdt zich bezig met de verbeteringen van de bedrijfsoverstijgende arbeidsvoorwaarden.

Vut-problematiek

De Cao voor de Zorgverzekeraars kent een Vut-overgangsregeling waaraan nog veel werknemers rechten ontlenen. Als gevolg van verschillende wetswijzigingen, laatstelijk het opschuiven van de AOW-leeftijd is het bedrag waar je als vut-gerechtigde, maandelijks van rond moet komen, steeds lager geworden. Hierdoor kiezen steeds meer betrokkenen noodgedwongen ervoor om hun Vut-rechten niet of veel later te genieten. Dit was nooit de bedoeling van de Vut-overgangsregeling.
Er zijn in grote lijnen twee mogelijke oplossingsrichtingen:

  • De Vut-gerechtigde leeftijd schuift op zodat het weer aansluit bij de feitelijke pensioenleeftijd.
  • De Vut-rechten worden op basis van individuele berekeningen afgekocht.

In beide gevallen is een ruime overgangsregeling nodig. Als we over dit onderwerp geen afspraken maken met de werkgevers, dan blijft de huidige regeling gewoon staan. Wil je meer lezen over dit onderwerp: klik dan hier naar het Vut-dossier.